Ongelukkig

Dat ik mij gelukkig zou voelen is één grote leugen. Maar dat de leugen jullie zou betoveren, was een complete verrassing. Ik moet toegeven, ik heb effectief een roos gekregen, maar gelukkig heeft het mij zeker niet gemaakt. Ik voel me vreselijk. Vreselijk slecht. De laatste dagen ontbreekt het mij aan moed. Hoewel ik morgen een cello-concert geef, kijk ik er niet naar uit. Ik heb zelfs “de eer” gekregen om onze groep voor te stellen. En toch doet het mij niets. Op het werk heb ik donderdag evaluatie. Ik ontbreek energie om mij voor te bereiden zoals ik zou willen. Eerlijk gezegd boeit het mij niet meer. Het is maar werk, toch?

Ik slenter terwijl ik vroeger mij haastte door de gangen. Ik loop niet voor mijn bus als mijn trein vertraging heeft. Waarom zou ik? Die 10 minuten zullen het ook niet meer maken. In de trein ben ik gestopt met het analyseren van mensen. Iedereen reageert op dezelfde manier. We zijn allemaal levenloze klonen.

Zucht. De laatste jaren vraag ik mij af wie echt oprecht om mij en mijn verdriet geeft? Buiten mijn ouders kan ik niemand anders meer opsommen. Een lief heb ik niet, dus dat is al uitgesloten. En over mijn vrienden moet ik niet twijfelen. Ze zijn zo met hun eigen leven bezig dat op momenten ik hen zie, ik hen niet wil lastigvallen met mijn miserie. En daarbij wie van hen zou het willen aanhoren? Mijn werkgever geeft ook geen moer om mij. Als ik morgen niet komt werken, zal hij wel snel een ander slachtoffer vinden. Enkel over jullie twijfel ik nog.

Dus. Als je oprecht om mij geeft, mag je hieronder een reactie plaatsen.

Maar alleen als je echt om mij geeft.

Advertisements